Afbeelding

Dialect: Tondersteboove 3

Algemeen

Wat was dat een overweldigend eerbetoon, vorige week. Drie hele pagina’s vol lof vanwege mijn vierhonderdste dialectrubriek in De Zuidwestkrant en De Halsterse Krant. Heel mooi opgemaakt en met een schitterende tekening van Eric Elich. Ik ben er compleet tondersteboove van!

Felicitaties

Ik ben natuurlijk bijlange na niet de enige die lof verdient. Deze dialectrubriek was onmogelijk geweest zonder de mensen die steevast en plichtsgetrouw reageren op het ‘huiswerk’ dat ik verzin. Hun reactie op mijn jubileum heeft mij diep geraakt.

En dan denk ik op de eerste plaats aan Peter Borremans. Hij is de langst deelnemende en daar is hij terecht heel trots op. Wat hij allemaal over mij zei heeft me tot tranen toe ontroerd. Hij heeft een heel eigen stijl van deelnemen (ik noem hem altijd een taalsnuffelaar), hij zoekt steeds in allerlei boeken wat hij kan vinden over het woord van deze keer en aanverwante woorden. Op een gegeven moment is hij dat gaan doen in zijn Woogeraajs dialect en daarbij hebben we Peter steeds beter leren kennen. Voor mij is hij ondertussen opgeklommen tot mijn meest favoriete oud-leerling. Peter, ga zo door!

Ik ben ook ontzettend blij met de loftuitingen van mijn goede vriend Toine Nooijens. Ik bewonder juist hem al tientallen jaren vanwege zijn talent om prachtige gedichten, liedjes en verhalen te schrijven. Ik hoop dat ook hij het nog lang blijft volhouden, want er zijn veel mensen die van zijn werk genieten. Niet alleen in deze krant, maar onder andere ook in De Krant regio Wouw.

Yvonne Rijk vindt mijn 400 edities ‘n jeele prestaosie. Maar de wijze waarop zij elke keer weer inspiratie put uit het nieuwe woord, kan alleen maar respect en bewondering oproepen. Ook door haar weten we inmiddels heel veel over haar jeugd, haar werk, haar huwelijk en het dorpsleven in Ostrecht.

Richard Musters, die zelf ook een volijverige vrijwilliger is, put ook vaak uit eigen ervaringen. Bovendien gebruikt hij deze rubriek graag om ten strijde te trekken tegen homohaat en ook daarin steun ik hem van ganser harte. Richard, je doet nog niet zo heel lang mee, maar weet dat ik je bijdragen zeer waardeer.

Monda van Diesen heeft gelijk als zij zegt dat dialect toch onze moedertaol is. Ik denk dat ze ook gelijk heeft als ze zegt dat ik met mijn rubriek veul meesse een plezier doen. Maar dat komt natuurlijk ook door de verhaaltjes die zij aanlevert. Ik wens Monda nog veel schrijfplezier.

Lof

Veel lof, felicitaties en dankbaarheid ontving ik ook van een aantal bevriende taalkundigen en dialectkenners. Prof.dr.Jos Swanenberg was een van de eersten. Hij werd al spoedig gevolgd door de dichter Jace van de Ven. Yoïn van Spijk schrijft:”Prachtig! Een rubriek die zo lang loopt en zo veel trouwe lezers en bijdragers heeft, is echt goud waard. Gefeliciteerd!”.

Van mensen die zich bezig houden met cultureel erfgoed ontving ik lof en felicitaties, zoals van Harrie Maas (oud-directeur van Monumentenhuis Brabant) en van Maikel van der Poel (wethouder van cultuur in Woensdrecht).

Ook ontving ik veel felicitaties van vriendinnen en vrienden die zelf ook dialect schrijven. Ik noem o.a. Johan Biemans uit Bergeyk, Cees van Broekhoven, Paul Asselbergs en Brigit Bakx uit Bergen op Zoom, Riny Boeijen uit Berghem, Frans Nefs uit Halsteren (”En jao, me meuge heel blij zijn mee Bep en Ton Tielemans”), Henk en Rini Holtzer uit Steenbergen, Edy Minnebach uit Hoogerheide en Annemie de Waal uit Tilburg (”Ik weet dat je altijd aan de weg timmert, altijd bezig bent met het dialect, maar toch is het een hele prestatie. Je brengt zoveel leesplezier met je dialect en dan spreek ik voor mezelf, maar ik weet zeker dat je ontzettend veel lezers hebt. De geweldige gedichten van Toine Nooijens die altijd zo passend en treffend zijn. Jij zorgt ervoor dat het allemaal goed verzorgd bij de lezer terecht komt, geweldig. Jan een hele diepe buiging maak ik voor je en zeg, CHAPEAU! Je kunt met recht trots zijn op jezelf. Ik kan nie aanders dan jou enen hêele dikke perfiesiejat toestuure. Èn ok nòg en virtuuweel applaus”). Dan ook nog van collega-columnisten Ankie Stuijts en Adrie Jonkers en vele vele anderen.

Na al die lof kan ik natuurlijk onmogelijk stoppen, als ik dat al zou willen. Ik vind het nog steeds erg leuk om te doen, en ik krijg er zoveel voor terug. Ik blijf natuurlijk doorgaan zolang ik er geestelijk toe in staat ben. Zoals ik ook zo lang mogelijk door zal gaan met het organiseren van het Brabants boekske. En ik zal ook blijven doorgaan met het streven naar tweetalige komborden in Woensdrecht en de officiële erkenning van het Lied van Woosdrecht als het Woensdrechts volkslied. Tevens blijf ik het gemeentebestuur vragen of ze al de financiën gevonden hebben om de meest ijverige vrijwilligers in de gemeente te voorzien van een pagina eerbetoon in De Woensdrechtse Krant en De Halsterse Krant. Blijft u me steunen? U kunt me altijd bereiken via het adres: luysterburg01@gmail.com.