Notaris Caroline de Maat
Notaris Caroline de Maat

Bij de notaris: Eerlijk?

Algemeen

Als notaris ontmoet ik veel verschillende mensen en dat ik ook wat ik eigenlijk het leukste vind aan mijn werk. Ik hoor allerlei persoonlijke verhalen en probeer met mensen mee te denken, om zo bijvoorbeeld het beste testament voor hen te maken. Sommige verhalen en situaties blijven je bij, omdat ze heel grappig zijn, of juist heel triest. Keer op keer realiseer ik me dat het leven niet maakbaar is.

Zo bezocht ik in één week twee mensen van ruim 80 jaar, een meneer in een hospice en een mevrouw in een soort verzorgingsflat.

HIJ WIL LEVEN

Meneer verbleef in een hospice en wilde een testament maken. Hij had een jonge geest en pretoogjes, we voerden een fijn gesprek. Op zijn prikbord hingen kindertekeningen. Trots vertelde hij over zijn kleinkinderen, de makers van deze kunstwerkjes. In zijn testament wilde hij hun een bedrag en ook een paar specifieke spulletjes vermaken. “Dan denken ze later nog eens aan mij.” Hij wilde zo graag zijn kleinkinderen nog wat langer meemaken en leuke dingen met hen doen, nog wat langer leven, maar dat zat er niet meer in. 

Met een warme handdruk heb ik afscheid van hem genomen en heb ik hem nog mooie momenten met zijn kinderen en kleinkinderen toegewenst.

ZIJ WIL STERVEN

Een paar dagen later ging ik langs bij een mevrouw voor wie ik een aantal jaren daarvoor ook al een testament had gemaakt. Zij was me bijgebleven: een kranige, kordate en verzorgde vrouw, weduwe zonder kinderen, met veel hobby’s en sociale contacten. Een leuk, pittig type.

Helaas was haar gezondheid de laatste jaren enorm achteruitgegaan. En nu zag ik een mager vrouwtje in een rolstoel, met de haren in sliertjes hangend. Ik zou haar niet meer hebben herkend.

We praatten samen over haar situatie. Ze had een mooi leven gehad, absoluut, maar het mocht nu wel eindigen, zo vertelde zij mij. Ze was heel kortademig en lusteloos en had nergens meer plezier in. Het was wel goed geweest.

Bij het weggaan schudde ik haar de hand en vroeg ik me hardop af wat ik haar moest toewensen. Haar reactie was duidelijk: “Ik hoop dat ik morgenochtend niet meer wakker word.” 

ZIJ WILDE LEVEN

En toen dacht ik terug aan die jonge terminaal zieke vrouw, voor wie ik jaren geleden een testament heb gemaakt. Zij zou normaliter nog een heel leven voor zich moeten hebben, met haar partner en hun jonge kinderen. Maar het mocht niet zo zijn. 

Wat is het leven soms toch oneerlijk.