
Saar werd gepest: “Dit helpt een beetje”
AlgemeenHOOGERHEIDE – In de Week tegen het Pesten zet basisschool De Dobbelsteen haar leerlingen extra aan het denken over pesten. Waarom het gebeurt, hoe je erover kunt praten, hoe je het kunt stoppen en misschien zelfs wel voorkomen. Soms heb je daarbij een “held” nodig.
Misschien is Saar wel zo’n held: zij wordt soms gepest en is heel open over hoe ze dat vindt: “Ik word er verdrietig van, en pesters zijn heus niet beter dan ik. Ik bepaal toch zélf wel welke kleren ik draag?”
Pesten kan overal voorkomen. Op elke school, en zelfs in de “grotemensenwereld” en het heeft soms grote gevolgen. En hoewel De Dobbelsteen er alles aan doet om pesten te voorkomen, bijvoorbeeld door een Coördinator Welbevinden in dienst te hebben, gebeurt het soms toch nog. Daar weet Saar (11) alles van: “Ik ben best veel gepest. Om mijn kapsel, en om mijn kledingstijl. De pesters vonden mijn haar raar en mijn kleren stom, maar dat gaat ze niks aan, ik mag toch zelf bepalen hoe mijn haar zit en welke kleren ik draag? Ik werd wel heel verdrietig van dat pesten, want ik heb ze niks misdaan en soms wilde ik dan echt niet meer naar school.”
Op donderdagmiddag 25 september gaan de leerlingen met elkaar aan de slag rond het thema pesten. Saar maakte kaartjes voor een memoryspel over de emoties die je kunt voelen als je pest of gepest wordt, en verderop in de klas werken Romyssa (12), Juene (12) en Elise (10) aan een poster die aan duidelijkheid niks te wensen overlaat: pesten is verboden. “Op onze poster staat een superheld, die naar school komt om te zorgen dat het pesten stopt en nooit meer gebeurt. Als kinderen die poster zien gaan ze misschien nadenken, en kunnen we uitleggen dat we willen dat er niet meer gepest wordt. Vorig jaar werd er in onze klas best wel gepest, maar dit jaar is dat al veel minder. Dat is fijn, vooral voor de kinderen die gepest werden.”
Ondertussen daagt Nova (11) meester Pepijn en juf Annelies uit voor een potje memory: “Pesten doet kinderen pijn”, zegt ze, “dus dat mag gewoon niet gebeuren.” Daar zijn haar meester en juf het roerend mee eens: “Soms gebeurt het alsnog, dus we proberen het onderwerp het hele jaar onder de aandacht te houden. Gelukkig zien we ook veel goeds gebeuren. Onze coördinator Welbevinden betekent veel op de momenten dat er gepest wordt, en op het plein zien we dat de inzet van de Sport-BSO ervoor zorgt dat er nog zelden pestincidenten zijn, er wordt alleen maar leuk gespeeld en dat is fijn.”
Saar vindt het ook fijn dat haar school zoveel doet om pesten te voorkomen: “Soms zet de juf pesters apart. Dan zeggen ze meteen helemaal niks meer. Ik denk dat kinderen die pesten heel onzeker zijn, veel meer dan ik. Ik blijf gewoon mezelf, want ik mag zijn zoals ik wil. Ik weet dat het niet aan mij ligt dat ik gepest word. Vanmiddag hebben we veel over pesten gepraat, met de juf maar ook alleen met klasgenootjes. Dat helpt wel een beetje en dat is fijn.”















