
Hels paradijs
AlgemeenHet is warm, heel warm. Ik had mij, door mijn elfjarig nichtje, over laten halen om mee te gaan naar het helse paradijs. En dan bedoel ik een subtropisch zwembad.
Voor mij een hel als het gaat om te plakkerige, onhygiënische ruimtes met te veel mensen in natte zwembroekjes. Een middag als sardientjes in een blik tegen elkaar aan schuren, in een bak met water waar God weet wat in drijft. Ik durfde niet naar de grond te kijken terwijl ik door het zwembad liep. Op mijn tenen, bang om op allerlei vieze dingen te stappen. Haren, huidschilfers of etensrestjes. Bij het omkleden was het al mis gegaan, ik liet mijn onderbroek al vallen op de natte grond. Vervolgens sloot ik aan bij de lange rij voor een glijbaan waar ik naar de natte harige rug, van een vreemde man voor mij, staarde. Ik wilde niet kijken, maar ik deed het toch. Al die vreemde, bijna naakte lichamen blijf ik gewoon ongemakkelijk vinden. Ik heb zeker tegen twintig mensen aan geschuurd en ik weet niet hoeveel bacteriën per ongeluk doorgeslikt maar ik ging zowaar met een voldaan gevoel naar huis. Omdat ik zag hoeveel lol mijn nichtje heeft gehad. “Wanneer gaan we weer, tante Ankie?” Euh…
Ankie Stuijts













