Marius Weber (foto: Rudy Jansen Fotografie).
Marius Weber (foto: Rudy Jansen Fotografie). Foto: RUDY JANSEN FOTOGRAFIE

‘Allemaal maar een stofje in de wind’

Algemeen

HOOGERHEIDE – Recalcitrant, opstandig, eigenzinnig, excentriek, revolutionair, markant, rechtdoorzee, buitengewoon, rebels, abnormaal, eigenwijs, uniek. Wellicht zijn er nog veel meer labels te plakken. Wie ooit in de voorbije zeven decennia zijn pad doorkruiste, zal het ongetwijfeld beamen. Onuitwisbaar is de indruk. Op de barricaden tegen de kruisraketten, het bureaucratisch onrecht aanvechtend of het samen met de kleinste jeugd een schoolplein aanvegend. Aan de keukentafel kijkt Marius Weber nog eenmaal achterom, staat gepast stil en blikt nog strijdbaar vooruit…

Hoewel hij inmiddels ruim een have eeuw in de West-Brabantse contreien bivakkeert is de Haagse tongval niet ver weg. “En toch ben ik in Leiden geboren. Maar dat kwam omdat het daar voor niets bevallen was”, lacht Marius Weber (71). Met gemengde gevoelens kijkt hij terug op zijn tijd als kind van de jaren vijftig en zestig. Al op de kleuterschool stond hij volgens de overleveringen al als eentje met een ‘eigen willetje’ te boek. Tijdens een internaatverblijf in Drenthe ontwikkelde Marius Weber later een nog grotere antipathie voor hiërarchie en nam zich voor vooral diens eigen koers te varen.

De Bunt

De komst van de familie Weber deed in 1968 in het conservatieve Hoogerheide behoorlijk wat stof opwaaien. “Nogal. Vanuit Den Haag streken we op De Bunt neer. Het prachtige huis op de rand van de Brabantse Wal had iets mystieks. Voor mijn vader, die kunstenaar was, een ideale plek om zijn beroep uit te oefenen. In zijn atelier fotografeerde hij naaktmodellen. De foto’s zette hij om naar Griekse mythologie. Dit deed hij door het afdrukken van verschillende negatieven door elkaar. Hij was het fotoshoppen al ver voor. Ook andere kunstenaars kwamen veelvuldig bij ons over de vloer. In de volksmond gebeurde er van alles. Een en ander noopte de toenmalig burgemeester van Woensdrecht De Leeuw om persoonlijk eens poolshoogte te komen nemen”, lacht Marius Weber.

Aangenomen

Ook de zoon van de kunstenaar werd met zijn lange haar gezien als een vreemde eend in de bijt. Op de LTS bekwaamde hij zich tot timmerman alvorens de arbeidsmarkt werd bestormd. “Nou, ze drukten eigenlijk een hamer in mijn handen. Nadien heb ik op verschillende plekken in de caravanbouw gezeten, twaalf ambachten, dertien ongelukken zeg maar. Ook hier heb ik soms voor mijn eigen hachje moeten opkomen. Kan me nog eens herinneren dat ik solliciteerde bij de firma Jacobs in Wouwse Plantage. Ik liep daar op een dag de werkplaats binnen, met mijn lang haar, baard en oorbellen in. Twee mannen komen op me af en de oudste vraagt of hij me kon helpen. Ik zei dat ik kwam solliciteren. De man keek verbaasd zijn zoon aan en zei met enige minachting dat ze nog moesten overleggen. Ik vraag wat het probleem is. Dat ik eruit zag als Jezus Christus? Ik vroeg of ze ooit iets slechts over die timmerman op zijn blote slippers hadden gehoord? Niemand beoordelen op hoe hij of zij eruitziet, maar puur op wat hij of zij kan. Je bent aangenomen!”

Tentje

Chronische rugklachten dwongen een nog jonge Marius Weber naar alternatieven uit te zien. Hij besluit bij de gemeente voor hulp aan te kloppen. “Het Werkvoorzieningsschap (WVS) was net in het leven geroepen en aldaar kon ik met aangepast werk aan de slag. Hoewel ik volgens de specialisten het beste zou gedijen wanneer ik dagelijks zou lopen en  fietsen, stond ik hele dagen bladeren te harken. Ik trok dat niet meer en werd overgeheveld naar de bossen alwaar ik voortdurend bomen stond te zagen. Niet echt het aangepaste werk wat men wel had beloofd. Uiteindelijk werd me werkweigering in mijn voeten geschoven. Ik besloot dit niet over mijn kant te laten gaan en zette letterlijk en figuurlijk op een vrijdagavond mijn tentje voor het gemeentehuis. Iets wat enorm veel publiciteit voor mijn zaak opleverde. Politie ter plaatse enzovoorts. Ik vroeg echter gewoon om gerechtigheid. Ik ben tot zondag blijven zitten. Landelijke politici hadden er eveneens lucht van gekregen en het Verbond Tegen Ambtelijke Willekeur werd ingeschakeld. In daaropvolgende gesprekken met onder meer WVS, gemeente en het GAK werd het onrechtmatig handelen aangetoond en me uiteindelijk een functie in het Gebouwenbeheer aangeboden”, vertelt Marius Weber vol vuur.

Bandana

Een functie op het lijf geschreven. Ruim 42 jaar gaf hij op eigen wijze, vaak in overleg met collega Han Brink, invulling aan de job. Controle op het gebruik van gebouwen in eigendom van de gemeente Woensdrecht, reparatie hier, wat opruimen daar. De ongebruikelijke entree was nog vele jaren onderhuids voelbaar in het gemeentehuis. Menig ambtenaar was eens of meerdere keren getuige van Weber in de contramine met onder andere burgemeester en gemeentesecretaris. Of met wethouder Lenselink tijdens de roemruchte jaren rond de plaatsing van de kernraketten op Vliegbasis Woensdrecht. De laatste jaren fungeerde hij tevens als conciërge op De Brede School in Hoogerheide. “Ik handelde altijd vanuit mijn gevoel voor rechtvaardigheid. Al bij al mooie jaren. Mijn bandana op en altijd op mijn ‘ouwewijvenstraaljager’, zoals mijn opoefiets ook wel genoemd werd.”

Verbeelding

Het bloed kroop echter ook op andere fronten waar het eigenlijk niet gaan kon. In navolging van diverse generaties voor hem beproefde Marius Weber zijn gaven ook op kunstzinnig vlak. Inmiddels vijftig jaar neemt hij zijn ‘dromen mee naar de werkelijkheid’. Marius Weber legt uit: ”Overal waar ik kom, daar laat ik mijn fantasie de vrije loop. Of het nu tijdens onze reizen door Azië of Afrika was of hier struinende door de Noordpolder, Kortenhoef of bezoekje aan de stad. Soms kan ik uren naar een grasspriet, bloemetje of insect kijken. Ik neem dingen waar en leg ze met mijn camera vast. Vervolgens bewerk ik ze totdat ze tot verbeelding spreken. De andere keer matchen ze met een tekst die in me opkomt en voeg ik ze samen.“

Malheur

Zijn werk was door de jaren heen talloze malen op verschillende exposities te bewonderen, kaarten werden gedrukt en een dichtbundel uitgebracht. 

Momenteel boetseert Marius Weber aan zijn slotakkoord, ‘De cirkel van een dwaas is vierkant’. Of zoals hij zelf zegt, een laatste groet voor iedereen die het zien wil. Malheur op diverse plekken in zijn lichaam brachten hem in de wereld van chemobehandeling en immuuntherapie. De slechte tijding weerhield hem niet van de barricaden. “In handen van de medici proberen we het ongemak de kop in te drukken. Ik ben nog steeds strijdbaar. Doch ik steek mijn energie in zaken die er nu nog voor mij toe doen. Boven alles mijn partner Jeanne. Daarnaast vind ik afleiding in het uitbrengen van een boekje waarin random werk uit de voorbije jaren terug te vinden is. Ik kijk er naar uit en daarna…ach, we zijn allemaal maar een stofje in de wind toch?”, besluit Marius Weber.

In deze droomis de industrie een naakte vrouw
VRIJHEIDZij in een werkelijke vluchtwij in een uitvluchtWantde waarheid is dat we vleugels hebbenDe leugen isdat we vliegen
Marius Weber