Afbeelding

Bosgeuzen - Grenzentocht

Algemeen

INFO: BOSGEUZEN – GRENZENTOCHT ZONDAG 12 FEBRUARI 2023

Grenzentocht. Het woord zegt het zelf. Deze Bosgeuzen-herfstorganisatie speelt zich inderdaad af in de prachtige Belgisch-Nederlandse grensstreek. Tijdens jouw wandeling mag je dan ook verwachten dat je tal van grenspalen zal ontwaren en dit veelal niet op de meest verwachte plaatsen. Alleszins staan de Bosgeuzen garant voor een boeiende, gevarieerde en natuurgerichte tocht waarvan je kan genieten met een keuzen uit 7 afstanden. Elk van deze omlopen (4,7,11,14,17,21,25 km) biedt je een maximum aan onverharde paden en wegels.

De 4 km-route gaat al snel na de start zijn eigen weegs en loopt daarmee grotendeels onafhankelijk van zijn ‘grotere’ broers. Niettemin ligt de nadruk ook bij deze omloop op bos-en veldwegen en kan je volop genieten van de natuur.

Idem dito geldt uiteraard ook voor de overige keuze-afstanden. Na splitsing met de 4 km-route trekken 7,1,14,17,21,25 km via achter-paadjes en doorsteekjes richting Moretusbos. Dit voormalige landgoed bevindt zich ten westen van Putte. Het is 77 ha groot en eigendom van Staatsbosbeheer. Het vindt zijn voortzetting in het landgoed Ravenhof te Stabroek dat oorspronkelijk een heidegebied was. Natuurlijk flaneer je tijdens jouw wandeling langsheen het magnifieke kasteel Ravenhof. Voorheen een zogenaamd lusthof dat Johannes Josephus Moretus, een telg uit een bekende drukkersfamilie, er heeft laten aanleggen. De bewoners van Putte werden hierbij ingeschakeld en kregen hiervoor betaald, wat een belangrijke bron van inkomsten vormde in het verarmde dorp. Ravenhof en het Moretusbos zijn sinds de Belgische onafhankelijkheid van 1830 door de landsgrens van elkaar gescheiden.

In het bos bevindt zich het vroeger bij het landhuis Ravenhof behorende theehuis ‘De Gloriëtte’, uit 1768. Het is op een kunstmatige verhoging gelegen en heeft via een zichtas en een laan verbinding met Ravenhof. Verhalen doen de ronde dat er een geheime tunnel loopt van het kasteel naar het theehuis. Op het mansardedak bevindt zich een uitkijkplat dat exact even hoog is als de hoogte van het kasteel.

Nabij het kasteel nemen de 7-km wandelaars voor even afscheid van de overige stappers.

De 11,17,21,25 trekken langs paden met oude dennen, statige beuken en stokoude eiken richting Berendrecht. De eerste rustpost bij de Berendrecht Bears (Base-en softbal club) lonkt. Na het gebruikelijke natje en droogje volgt een splitsing en begint de 11 km aan zijn retour.

De overige routes (14,17,21,25) gaan nog heel wat fraais tegemoet. Zo voert het parcours je namelijk langs bossen die op duinenlandschap groeien. Je vindt hier zowel oud als jong bos en je ervaart meteen waarom men dit gebied de toepasselijke naam ‘Stoppelbergen’ gegeven heeft. De stoppels of glooiende duinen hebben op sommige plaatsen een hoogteverschil van wel 5 tot 10 meter en zijn typerend voor de Brabantse Wal. In dit gebied staan veel zee-dennen, ze zijn te herkennen aan de zeer lange naalden en grote dennenappels. De 14 km-stappers mogen van dit alles mee genieten maar draaien na enige kilometer terug richting de Berendrechtse Bears waar zij voor een tweede keer de voetjes enige rust gunnen.

Voor de overige routes komt eerst een andere post in het verschiet. De kantine van De Dennenhoeve. Een stoeterij bekend in binnen-en buitenland voor de door hen gefokte sport(spring)paarden.

Na deze welverdiende pauze blijven de wandelaars vertoeven in natuur met grote ‘N’. Kronkelwegen en bredere landwegen wisselen elkaar in snel-tempo af. Zo komen de ‘Wildernissen’ aan bod. Gelukkig hoef je die term niet letterlijk te nemen en heb je heus geen machete vandoen. Het gaat om een gedeelte dat voornamelijk bestaat uit smalle, zigzaggende paadjes die je doorheen een golvend, licht heuvelachtig, bosgebied loodsen en dit met fraaie uitzichten op de lager gelegen omgeving. Enkele keren zal de 25 km afwijken om een extra kronkel onder de schoenzolen te krijgen waarbij , al naargelang, één van de overige omlopen steeds mee in het kielzog genomen wordt. Dit brengt hen dan onder meer bij de Reeberg, het Fort, de Hooiweide en de Geldberg om maar enkele items te noemen. De routes belanden voor een welgekomen rust terug bij de Berendrechtse Bears terecht.

Na de nodige bos-zigzagjes en extraatjes volgt de Warande met zijn magnifieke met rododendrons bezaaide dreven. Na samenkomst en verbroedering van de diverse omlopen gaat de expeditie, zeg maar exploratie, in het Moretusbos verder en mogen de stappers zich nog verwachten aan tal van smalle boswegels en weipaden vooraleer zij, wellicht vermoeid maar zeker voldaan, de aankomst bereiken. 

                                                                                                                                                 Tot dan