Logo halsterse-zuidwestkrant.nl
Wim de Jong in het midden, met zijn maatje Cees van Loon, zijn echtgenote Jeanne en Cees' vrouw Mariandl.
Wim de Jong in het midden, met zijn maatje Cees van Loon, zijn echtgenote Jeanne en Cees' vrouw Mariandl.

Festivalvrienden voor altijd

BWF-maatjes Cees en Wim willen elkaar niet missen

HOOGERHEIDE – Ze zijn voor altijd vrienden. Wim de Jong, Cees van Loon en hun respectievelijke echtgenotes Jeanne en Mariandl zijn al jaren vrienden, en in die vriendschap speelt het Brabantse Wal Festival een hoofdrol. Het verhaal van hun vriendschap loopt niet goed af, maar staat wel bol van herinneringen die de rest van hun respectievelijke levens een glimlach op vier gezichten toveren.

Ze hebben een lange historie met elkaar, want Wim de Jong (66) en Cees van Loon (72) waren jarenlang collega's bij Defensie in Huijbergen. Daar waren ze al twee handen op één buik, en na hun pensionering bleef dat zo. Samen hadden ze de grootste lol terwijl ze flightcases maakten voor Image Productions, het licht- en geluidsbedrijf van Willem de Jong, de zoon van Wim. Toen Willem de Jong zich tien jaar geleden met enkele andere enthousiastelingen hard maakte voor een 'rockfeest' in Hoogerheide, dat al snel naar een echte tent verhuisde, waren het Wim en Cees die de helpende hand boden. "We hebben vanaf dag één aan de tent gesleurd, en het verkeer regelen, dat deden we ook", zegt Wim.

Het blijft even stil als Wim die zin heeft afgemaakt. Hij vertelt zijn verhaal in een kamer in het Bravis ziekenhuis in Roosendaal. Daar ligt hij omdat hij ernstig ziek is, en – in zijn eigen woorden – "het einde nadert." Jeanne en Mariandl zijn stil, Cees huilt als hij die woorden hoort. "Ik raak mijn maatje kwijt", zegt hij.

De Pleeboys

Cees' emotie is te begrijpen, zeker als je weet hoeveel plezier hij en Wim hadden tijdens hun BWF-jaren. Ze deden alles samen. Zo veel dat ze bekend werden als de Statler en Waldorf van het Brabantse Wal Festival. Met één verschil, namelijk dat de Statler en Waldorf uit de Muppet Show cynische ouwe zeuren zijn. Cees en Wim zijn eerder kwajongens, die schaterlachten terwijl ze geen klus uit de weg gingen: planken sjouwen, palen opzetten, de elektra voor Willems' apparatuur in orde maken, problemen oplossen, overnachten in de tent om de boel te bewaken en ontelbaar veel wc-rollen uitdelen. Vreemd genoeg bewaren ze aan die klus misschien wel de mooiste herinneringen. Op slag is de sfeer in de ziekenhuiskamer weer vrolijk.

"We waren Pleeboys. Samen gingen Cees en ik alle dixies langs, om er wc-rollen in te leggen. Honderden rollen hebben we elk jaar rondgebracht, en soms hadden we onze kont nog niet gekeerd of waren ze al weer weg", grinnikt Wim. "Festivalpubliek is niet gewend dat er wc-papier is, dus vaak namen ze onze rollen maar mee om er bij de volgende boodschap plezier van te hebben. Maar ik ben trots op het feit dat het BWF het enige festival was waar ook na 1.00 uur nog wc-papier was. We maakten de dixies zelfs schoon, met een lekker fris sopje. Daar draaien Cees en ik onze hand niet voor om." Wim en Cees hadden een stok, die ze gebruikten om de massa's wc-papier die zich in de dixies ophoopten in goede banen te leiden. "Maar op een zeker moment waren we die stok kwijt", zegt Wim, inmiddels bijna schaterend. "Was Mark Sebrechts met onze strontstok gaan lopen. Toen hebben we door de portofoon geroepen dat iedereen hem voorlopig maar even geen hand moest geven!"

Het verkoopkot

Terwijl Cees en Wim de dixies langs gingen waren Mariandl en Jeanne druk met de verkoop van consumptiemunten. Af en toe kwamen hun echtgenoten daar langs met koffie of een snack, maar meestal hadden Jeanne en Mariandl hun mannen niet nodig om plezier te maken. "We hebben nogal wat binnenpretjes gehad", lacht Mariandl, "je ziet zo veel als je muntjes verkoopt. Soms zijn mensen agressief, meestal zijn ze aardig. Soms kopen ze voor 100 euro munten en vergeten ze die mee te nemen. Soms proberen ze zelfs af te dingen!" In hun 'verkoopkot' genoten Mariandl en Jeanne elk jaar van de show en het publiek, en Wim en Cees deden hetzelfde terwijl ze van op het invalidenpodium uitkeken over de menigte in de zaal. "Voor ons was het extra bijzonder om te weten dat die gigantische show mogelijk werd gemaakt door het werk van Willem, onze zoon", zegt Jeanne.

Nu zijn gezondheid hem in de steek heeft gelaten is het voor Wim onmogelijk om nog iets te doen bij het Brabantse Wal Festival. Marianne en Jeanne zijn er wel, met een enorm dubbel gevoel. "Wij willen graag doorgaan", zeggen ze, "maar Wim zal geen minuut uit onze gedachten zijn. Zonder hem is het BWF niet hetzelfde."

Ondertussen is Wim vastbesloten om het BWF dan in elk geval te bezoeken. "De laatste twee jaar takel ik echt af", vertelt hij. "Vorig jaar lukte het me nog om naar de tent te fietsen. Toen moest ik huilen. Omdat ik zo graag wil helpen, maar ik kan het niet. En nu kan ik ook al niet meer fietsen. Dan moet het maar in een rolstoel. Cees is dan mijn chauffeur. Misschien kunnen we dan samen nog één keer op het invalidenpodium staan en terugdenken aan alle lol die we op het BWF hebben gehad. Elk moment was onvergetelijk."

Meer berichten